Meer dan een adviseur

“Kun je me doorverbinden met jullie financiële administratie?” Of: “Mag ik de CEO even spreken?” Aan de andere kant van de lijn valt een korte stilte. Daarna klinkt steevast hetzelfde antwoord: “Ja,…daar spreek je al mee.”

 Wie het 030-nummer van Jonge Honden belt, merkt al snel dat het weinig uitmaakt wie de telefoon opneemt. Er is geen aparte HR-afdeling, geen team dat uitsluitend offertes schrijft en niemand die zich alleen met financiën bezighoudt. De jonge hond die je aan de lijn krijgt, zat ’s ochtends bij een opdrachtgever aan tafel, werkt ’s middags aan een offerte, begeleidt later een nieuwe collega en sluit de dag af met een LinkedIn post voor de klus. Rollen zijn bij Jonge Honden niet gekoppeld aan functies, maar bieden juist de kans om kennis en ervaring op te doen in verschillende onderdelen van de organisatie. 

Dat is een bewuste keuze. Jonge Honden werd ruim vijfentwintig jaar geleden opgericht met één uitgangspunt: jonge professionals leren ondernemen door ze verantwoordelijkheid te geven. Vrijheid en verantwoordelijkheid gaan daarom vanaf de eerste werkdag hand in hand. 

 We runnen samen het bedrijf 

 Die gedachte vormt het fundament van het bedrijf. Het collectief bestaat uit meerdere ondernemingen die onder één naam samenwerken. Ondernemers dragen het bedrijfsrisico en zijn eindverantwoordelijk voor hun eigen onderneming, maar de adviseurs van Jonge Honden worden vanaf dag één actief betrokken bij het bouwen van het concept. De Jonge Honden-vrijdag is het moment waarop collega’s samen aan het bedrijf werken via interne projecten. Ze organiseren trainingen, schrijven offertes, onderhouden relaties met opdrachtgevers, begeleiden nieuwe collega’s of starten initiatieven waarvan ze zelf denken dat dit Jonge Honden verder helpt. Sommige van die projecten zijn onmisbaar voor het bestaan van Jonge Honden — de zogeheten zuurstofprojecten — andere ontstaan simpelweg doordat iemand een kans ziet en er eigenaarschap over neemt, ook wel passieproject genoemd.  

Zo leren jonge honden vanaf het begin hoe zij een projectleidersrol kunnen pakken, hoe besluiten tot stand komen, hoe belangen tegen elkaar worden afgewogen en hoe kennis zich door een organisatie heen beweegt. Door voortdurend tussen rollen te schakelen, ontwikkelen de adviseurs al vroeg een brede blik op complexe vraagstukken.  

En nee, dat gaat niet altijd goed. Veel verantwoordelijkheid betekent ook dat er soms dingen misgaan. Daarom organiseren we twee keer per jaar een fuck-up podium, waar jonge honden vertellen over hun fouten en wat ze dankzij die fouten hebben geleerd. 

Van pup tot prof 

Emma en Selina, ondernemers bij de 18cv, noemen die ontwikkeling ‘van pup naar prof’. Ze zijn overtuigd dat jonge professionals vaak veel meer in hun mars hebben dan ze zelf denken. Geef ze verantwoordelijkheid, laat ze meedenken en betrek ze bij het grotere geheel, en er gebeurt iets bijzonders: niet alleen groeit hun vakkennis, ook hun vermogen om verbanden te leggen krijgt de ruimte. Waar veel starters zich ontwikkelen binnen een strak afgebakende rol, leren jonge honden juist schakelen tussen verschillende perspectieven en verantwoordelijkheden. 

Die vaardigheid wordt steeds relevanter. Werk dat lang gold als typisch juniorwerk — informatie verzamelen, analyses maken, een eerste presentatie opstellen — wordt dankzij AI sneller en goedkoper uitgevoerd. Daardoor verschuift de toegevoegde waarde van een junior adviseur. Niet die eerste analyse maakt het verschil, maar het vermogen om verder te kijken dan de vraag op papier. Dit doen jonge honden door het hebben van een vernieuwende blik, nieuwsgierigheid en creativiteit te tonen en prikkelende vragen te stellen.


De vraag achter de vraag 

Hoe dat er in de praktijk uitziet, laat de eerste opdracht van jonge hond Irene bij het COA zien. Zij kwam terecht bij het Leadsbureau, de afdeling die mogelijke opvanglocaties beoordeelt: van leegstaand vastgoed en gemeentelijke initiatieven tot andere plekken die geschikt kunnen zijn voor asielopvang. In een organisatie die onder grote politieke en maatschappelijke druk staat om opvangplekken te realiseren, is dat een cruciale schakel. Irene werd aangenomen om locaties te beoordelen, informatie te verzamelen en gesprekken met gemeenten voor te bereiden. 

 Naast haar opdracht organiseerde ze binnen Jonge Honden trainingen voor collega’s en schreef ze in haar vrije tijd over landelijke politiek en maatschappelijke ontwikkelingen. Die combinatie maakte dat ze al snel verder keek dan de afzonderlijke dossiers. Ze zag hoe kennis werd verzameld, maar ook hoe die na afloop van een dossier vaak weer uit beeld verdween. Daardoor veranderde ook de vraag die ze zichzelf stelde. Niet alleen: is deze locatie geschikt? Maar ook: hoe zorgen we ervoor dat de kennis uit dit dossier het volgende beter maakt? Vanuit die gedachte werkte ze ideeën uit voor een centrale kennisbank en een sterkere kennisfunctie binnen het Leadsbureau. 

Terug naar het telefoontje 

Dat verklaart meteen waarom een telefoontje naar het algemene nummer van Jonge Honden zo kan verlopen: je krijgt een jonge hond aan de lijn die een vraag over HR of financiën net zo moeiteloos beantwoordt als een inhoudelijke vraag over een opdracht. 

Wie een jonge hond inschakelt, krijgt iemand die verder kijkt dan de opdracht op papier. Dat heeft alles te maken met de manier waarop Jonge Honden is ingericht. Je krijgt iemand die gewend is een organisatie als geheel te lezen, die verschillende perspectieven met elkaar verbindt en die durft te onderzoeken of achter de oorspronkelijke opdracht een belangrijkere vraag schuilgaat. In een tijd waarin kennis steeds toegankelijker wordt, is dát misschien wel de meest onderscheidende kwaliteit van een Jonge Hondse adviseur.